Evangelie.jouwweb.nl
Welkom bij het Evangelie. » Evangelie voor kinderen.

Welkom

Misschien droom je er wel eens van om als een koningskind te kunnen leven. Maar als je wakker geworden bent, dan heb je deze droom eigenlijk alweer opgegeven. Misschien denk je dat je alleen maar van een beter leven kan dromen. MAAR DEZE DROOM KAN ECHT UITKOMEN! God houdt van jou en wil je al het goede geven. Je hoeft geen moeilijke dingen te doen of naar iets onmogelijks te streven. En dat God doet wat Hij zegt, dat kan ik je beloven. Je hoeft alleen maar te geloven, wat God door Jezus voor ons heeft gedaan. Dat God, Zijn enige Zoon naar de aarde heeft gestuurd, om voor ons aan het kruis te gaan. Zodat wij vergeven konden worden en dicht bij God kunnen komen. En een leven te krijgen dat nog beter is dan in je mooiste dromen. Dit is het Evangelie en het Evangelie is voor alle kinderen. Wanneer kinderen bij Jezus willen komen, wil Hij niet dat wij ze hinderen. Hij wil dat zij juist bij Hem komen omdat zij geloven als een kind. Dit is waar een leven met God begint. Omdat wij, je hier graag meer over willen vertellen hebben wij deze website voor je geschreven. Ik hoop dat je zult gaan beseffen wat God aan jou heeft gegeven.

In onderstaande tekst kun je lezen wat er in het oude testament van de Bijbel staat geschreven.Wij hebben geprobeerd om de Bijbelverhalen op een leuke manier te brengen. Om een compleet beeld te krijgen van wat er in de Bijbel geschreven staat, raden wij je van harte aan om een kinderbijbel of tienerbijbel te lezen!

God maakte de mens.
Genesis 1-2.

God heeft veel dingen gemaakt! Weet je waar hij mee begon? Met het licht, water, bomen, planten, dieren, sterren,de maan en de zon. Van stof maakte Hij, Adam, een jongen als eerste mens. Een hulp voor de jongen was Zijn grootste wens. Dieren alleen waren niet goed genoeg. Geen giraf, olifant of aap. Dus gaf God aan Adam een hele diepe slaap.Toen Adam lag te slapen, maakte God, een vrouw van een rib uit. Adam's lichaam en Eva was haar naam. Maak je maar geen zorgen, Adam voelde niets, het deed geen pijn!Toen Adam weer wakker werd, zag hij wat God voor hem had gedaan en vond het fijn! En God zag dat het goed was en dat maakte Hem blij. Later maakte God alle andere mensen waaronder jou en mij! Hij gaf aan hen het leven door hen de adem in te blazen en was met hen in alle fasen. Zo maakte God, Adam en Eva, de eerste mensen en gaf hen alles wat zij konden wensen!

De hof van Eden.
Genesis 2-3.

Dit was de naam van het paradijs dat God aan Adam en Eva heeft gegeven. Hij gaf ze alles wat ze nodig hadden zodat zij goed konden leven. In het paradijs stonden vele bomen en van deze bomen mochten zij plukken en eten. Maar van één boom niet en dat mochten zij absoluut niet vergeten. Als zij dit wel zouden doen dan zouden er afgrijselijke dingen gebeuren..En dat kon God onmogelijk goed keuren. Op een dag ging Eva in gesprekb met een gevaarlijke slang. Maar Eva was van deze slang helemaal niet bang. De slang vertelde haar dat zij wel van de boom mocht eten. Maar dat God gewoon niet wilde dat zij net zoveel als Hem zouden weten. Volgens de slang wilde God niet dat zij het verschil tussen goed en kwaad zouden kennen. Maar wat deed zij in plaats van weg te rennen? De vruchten aan de boom zagen er plotseling smakelijk uit en zelfs goed! Ze plukte een vrucht, nam een hap en de smaak ervan was zoet.
Adam stond bij haar en ze bood hem de vrucht aan en ook hij beet erin. Ze hadden niet naar God geluisterd en deden hun eigen zin. Nu merkten zij voor het eerst dat zij naakt waren en probeerden zich te verstoppen. Maar God kan je echt niet foppen! Zij gaven beiden de schuld aan een ander en hadden God daarmee bedrogen. Ze hadden al niet geluisterd en nu hadden ze dus ook nog gelogen. Adam gaf Eva de schuld en Eva gaf de schuld aan de slang. Voor het eerst waren Adam en Eva nu echt bang. Ze hadden spijt en wenste dat ze het maar hadden gelaten. God wist alles al en was verdrietig want nu moesten zij het paradijs verlaten. Zo hadden zij ervoor gezorgd dat het leven drastisch zou veranderen voor iedereen. En dat klinkt misschien wel heel gemeen maar God wist er voor het gebeurde al van want het was deel van Zijn goede plan.

Kaïn en Abel.
Genesis 4.

God gaf Adam en Eva,kinderen. Twee zoons kregen zij. Eerst kwam Kaïn en tot hun grote vreugde kwam Abel er ook nog bij. Abel werd schaapherder en Kaïn bebouwde het land. Zo hield het gezin even goed stand. Tot de dag dat Kaïn zijn vruchten gaf aan de Heer. Want het vet van de schapen dat Abel aan God gegeven had, verheugde God veel meer. Dit deed KaÏn zeer want God wilde van het offer van Kaïn niets weten. KaÏn werd woedend op Abel maar God zei hem dat hij niet zo boos hoefde te zijn als hij in het bezit was van een goed geweten. En ja, als hij verkeerde dingen had gedaan dan moest hij zorgen dat hij de verleiding om nog ergere dingen te doen, kon weerstaan. Maar Kaïn vroeg zijn broer om met hem, het veld in te gaan. KaÏn heeft toen iets verschrikkelijks bij Abel gedaan. Hij heeft zijn broer om het leven gebracht. Dit kwam voort uit de boze dingen die KaÏn had gedacht. Maar God ziet en weet alles en Hij stuurde KaÏn weg uit het land zodat hij moest gaan leven als een zwerver en vluchteling. Maar God beloofde hem één ding! Niemand zou KaÏn ongestraft iets aan kunnen doen en niemand zou hem kunnen verslaan. En voor iedereen die het wil horen: Toen KaÏn nu uit het land was weggegaan, en zij in het land Nun waren gaan wonen, werd er nog een kind geboren. Zelfs werd hij de stichter van een stad. Dat is mij toch wat! De familie groeide en hier kwamen onder andere hoeders, muzikanten en smeden uit voort. En wacht maar tot je dit hoort: Adam en Eva kregen nog een zoon en zij noemden hem Set. Want zei Eva, God heeft een nieuw kind in de plaats van Abel gezet! Set kreeg een zoon en Enos was zijn naam. Vanaf deze tijd riep men de Heer aan!

De zondvloed.
Genesis 6-9.

Er was een man en Noach was zijn naam. God was erg met Noach begaan. Het was in de tijd dat de mensen weer veel verkeerde dingen hadden gedaan! Dit deed God veel pijn en verdriet. Maar zo was Noach niet! Noach luisterde goed naar God en gehoorzaamde Hem. En op een dag luisterde Noach weer naar God's stem: "Noach, bouw een ark, een boot en neem je familie mee, klein en groot! Want Ik zal een watervloed over de aarde brengen en alles zal vergaan. Wat denk je? Zou Noach dit hebben gedaan? Ja, want Noach wist dat God wilde zorgen dat Noach en zijn familie veilig waren! Hij nam God altijd serieus en als God zei dat hij een ark moest bouwen zodat zij weg konden varen, dan zou hij dat doen! God vertelde hem precies hoe het moest en hij begon te bouwen maar wat gebeurde er toen? Mensen vonden het gek dat Noach een ark ging bouwen terwijl er geen water in de buurt was. Dat Noach het goede deed, begrepen zij later pas. God wilde dat er ook dieren aan boord van de ark zouden gaan. Hoe zouden ze dat allemaal hebben gedaan? Ieder paar dieren dat door God werd uitgekozen, kwam naar de ark toe gekropen, gevlogen of gelopen. Noach wist dat God een goede toekomst voor hen had en daar konden de mensen die achterbleven slechts op hopen! Toen de tijd was aangebroken dat zij de ark in moesten gaan, liepen zij allen de ark in en God deed de deur achter hen dicht. Nu hadden zij een veertig dagen en nachten durende watervloed in het vooruitzicht. God had gezegd dat ze voedsel mee moesten nemen dus ze hadden genoeg te eten. Ze bleven in God geloven en bedankten Hem en zaten echt niet angstig te zweten.
Na 150 dagen liet God een wind over de aarde waaien waardoor het water begon te dalen. Dit bleef zich 150 dagen herhalen. Totdat de ark vast bleef zitten op een berg. Het duurde nu niet meer zo lang en de hoeveelheid water was lang niet meer zo erg.Na 40 dagen opende Noach het venster van de ark en liet een raaf naar buiten vliegen en deze vloog heen en weer totdat het droog geworden was. Ze gingen er nog niet uit want of het echt droog was dat wisten zij later pas, nadat zij een duif naar buiten hadden gelaten. Maar de duif kwam weer terug omdat zij geen droge plek gevonden had. Na zeven dagen liet Noach de duif weer vliegen en deze keerde terug met een olijfblad. Noach wachtte nog 7 dagen en de duif kwam niet meer terug. Nu wist Noach; het is bijna achter de rug! Toen eenmaal al het water was opgedroogd zei God tegen Noach: Ga allemaal uit de ark opdat jullie vruchtbaar en talrijk zullen zijn. Noach bouwde een altaar voor God en offerde vee en vogels, gezond en rein. Toen God dit merkte vond hij dat heel erg fijn! En God had zich voorgenomen dat Hij nooit meer zo'n grote water ramp over de aarde zou laten komen! Sterker nog, God beloofde aan Noach, zijn nageslacht en dieren dat er nooit meer zo'n grote watervloed zou komen waardoor alles en iedereen zou overlijden. God deed dit met een teken dat ons allemaal zal verblijden. Hij gaf ons een regenboog en dat is prachtig, zeg!
De regenboog vertelt ons dat zo'n heftige watervloed zal nooit meer op de aarde zal komen en spoelt ons dus ook niet weg!

De toren van Babel.
Genesis 11: 1-9.

Alle mensen spraken vroeger dezelfde taal en verstonden elkaar dus allemaal. Ze wilden een stad bouwen en bouwden samen aan een nieuwe stad met een hemelhoge toren. Want ze wilden bij elkaar blijven en als één stad bij elkaar horen. En niet dat God hen over de aarde zou verspreiden en lieten zich niet door God leiden. Ze vertrouwden op zichzelf en op elkaar. Het duurde niet lang meer of de stad was klaar.
God was het hier helemaal niet blij mee want ze deden hun eigen wil en op eigen kracht. Aan Gods wil hadden zij helemaal niet gedacht. Dus heeft God een bezoekje aan deze stad gebracht. God wist dat nu zij hier éénmaal mee waren begonnen, zij zouden verlangen naar meer. De mensen zouden op deze manier door blijven gaan, keer op keer. Alles wat de mensen ook maar bedachten om te doen, was nu mogelijk geworden voor de mens. Maar was dit ook goed voor hen en Gods wens? God gaf hen allemaal een andere taal zodat zij elkaar niet meer konden verstaan. Met de bouw van de stad was het nu voorgoed gedaan! God gaf hen allemaal een andere plaats op de aarde en omdat dit allemaal gebeurd was, gaf men de stad Babel als naam. En zo zijn de eerste landen op de aarde ontstaan.

Vader van een groot volk.
Genesis 12,13,15,18,21.

Abraham geloofde in God en was al oud. Hij hield veel van Sara en was al jaren met haar getrouwd. Kinderen hadden zij niet en ze hadden grijze haren. Abraham leefde al honderd jaren. Op een dag vertelde God aan Abraham dat zij uit hun thuisland Haran weg moesten gaan. Ze moesten reizen naar het land Kanaän. God zei dat als Abraham Hem zou vertrouwen, Hij aan Abraham een groot volk zou geven en Abraham tot de stamvader zou maken. Deze belofte kon Abraham's hart zeker raken. Abraham vertrouwde op God en verzamelde al zijn bezittingen en vertrok met Sara, zijn schaapherders, bedienden en zijn neef Lot naar het land waar God hem had gezegd naar toe te gaan. Het land dat zij niet kenden, het land Kanaän. Na vele jaren kwamen zij eindelijk op de plek van bestemming aan. Na een tijd wilde Lot met zijn familie verderop gaan wonen want er was niet genoeg eten en drinken voor iedereen. Abraham vond dit goed en liet Lot en zijn familie gaan. God sprak tot Abraham nadat Lot en zijn familie waren weggegaan. God liet hem kijken naar de sterren en beloofde aan Abraham dat hij al het land zou krijgen zover als hij kon zien en net zoveel kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen als dat er sterren waren bovendien! En dit volk zou altijd blijven bestaan. Dit nam Abraham met zeker van God aan! Jaren later kwamen er drie mannen naar Abraham en Sara toe met een boodschap van de Heer. Abraham gaf hen versgebakken brood, vlees, melk en room en zij zaten zich neer. Zij vertelde hen dat Sara over negen maanden een zoon zou baren. Maar Sara geloofde hen niet want zij dacht dat zij daar toch echt veel te oud voor waren. Ze moest er zelfs om lachen en misschien twijfelde zij zelfs aan haar oren. Maar toch werd negen maanden later hun zoontje Izak geboren. God liet aan Abraham weten dat Hij met Izak begonnen was met het vervullen van Zijn belofte en wat wat God zegt is echt waar! God doet wat Hij belooft en Abraham en Sara waren blij er God erg dankbaar!